Hi, mijn naam is Dave. Ik ben 28 jaar en woon in Amsterdam.
Tot voor kort leidde ik een leven dat eigenlijk precies zo voelde als het hoort op die leeftijd. Ik werkte, sportte veel, was vaak met vrienden. Spontane koffies, etentjes, festivals in de zomer, ik was er altijd bij. Ik ben iemand die graag mensen om zich heen heeft.
Ik genoot. Van de stad, van het leven, van alles wat nog voor me lag.
Tot mijn lichaam langzaam begon te veranderen.
Eind september kreeg ik de diagnose non-Hodgkin lymfeklierkanker: grootcellig B-cel lymfoom.
Een vorm die vaak goed te behandelen is, maar bij mij liep het anders.
In deze serie neem ik je mee in mijn traject.
Wat er gebeurde. Wat het met me deed. En wat mij nog te wachten staat.
Herstel en de keiharde terugslag
Na zes chemokuren was het zover. De eindscan.
Na maanden van behandelen, opnames en bijwerkingen voelde het alsof ik eindelijk weer richting het einde ging. Ik was moe, maar ook hoopvol.
Ik verbleef veel bij mijn ouders om te herstellen, maar langzaam begon ik mijn leven weer op te pakken. Ik ging weer naar Amsterdam. Sprak af met vrienden. Probeerde weer een beetje te sporten.
Dat vond ik spannend. Ik schaamde me soms voor mijn uiterlijk, vooral door het verlies van mijn wenkbrauwen. Ik had het gevoel dat mensen meteen zagen dat ik ziek was.
Toch ging ik. Op rustige momenten, dat wel. En eigenlijk viel het mee. Mensen waren minder met mij bezig dan ik dacht. En langzaam begon ik me weer een beetje mezelf te voelen.
Stap voor stap terug
Mijn energie kwam langzaam terug. Ik kon weer meer aan. Meer doen.
Ik sprak bijna dagelijks af met vrienden. Koffie drinken, wandelen, gewoon even normaal zijn. Die momenten waren ontzettend belangrijk.
Ik merkte: ik kom terug. Misschien nog niet helemaal, maar wel stap voor stap.
En daardoor groeide ook mijn vertrouwen.
De uitslag waar ik zo zeker van was
De einduitslag voelde bijna als een formaliteit. Ik voelde me goed. Geen klachten meer. De tussentijdse scan was positief. Alles wees dezelfde kant op. Dit moest goed zijn.
Ik had zelfs al plannen gemaakt. Een reis naar Barcelona geboekt. Een moment met vrienden gepland om het te vieren. Ik zat met mijn familie in het ziekenhuis, gespannen maar vooral hoopvol. Tot de arts begon met: “Ik heb heel slecht nieuws.”
Alles valt opnieuw stil
Het lymfoom was terug. En niet alleen dat, het had zich ook verspreid naar mijn hersenen. Ik begreep het niet. Ik voelde me goed. Ik was aan het herstellen. Alles leek de goede kant op te gaan. Hoe kon dit?
Het voelde oneerlijk. Onwerkelijk. Waarom werkt het bij anderen wel… en bij mij niet?
De tweede strijd begint
Nog diezelfde dag werd er een nieuw behandelplan voorgesteld: CAR-T therapie. Een intensieve vorm van immunotherapie.
Ik had nauwelijks tijd om het nieuws te verwerken. De dag die een afsluiting had moeten zijn, werd het begin van een nieuw traject.
Ik vroeg de arts: “Kan ik nog genezen?” Hij zei: “Ja. We gaan nog steeds voor genezing.”
Die woorden gaven hoop. Maar eerlijk? Mijn vertrouwen was weg. In mijn lichaam, in het proces, in de uitkomst.
Opnieuw beginnen
De weken daarna stonden weer in het teken van onderzoeken. Ik werd overgeplaatst naar het VUMC, waar het CAR-T traject zou starten. Een behandeling waar veel bij komt kijken, met heftige mogelijke bijwerkingen.
Ik had me ingelezen. Misschien iets te veel zelfs. Maar één ding wist ik zeker: Ik heb geen keuze.
Ik moet door. Opnieuw vechten. Met hetzelfde doel als eerst.
Genezen.
Dave blijft ons meenemen in zijn strijd. Voor nu telt maar één ding: blijven vechten, met als doel genezing. We hopen dat we zijn verhaal straks verder kunnen vertellen.


